Een Samengestelde menwedstrijd? Wat is dat?

Dressuur, vaardigheidsproef en de marathon

Een samengestelde menwedstrijd bestaat uit 3 onderdelen: dressuur, vaardigheid en de marathon. Elk van de onderdelen vergt een specifieke deskundigheid, maar in alle gevallen is het voor toeschouwers een lust voor het oog. En terwijl we hindernissen in het dagelijks leven niet graag tegenkomen, is het er bij de menwedstrijden juist vaak om te doen.

Dressuur:
De dressuur is vooral een test op de africhtingsgraad bij paarden. De paarden worden getest op de regelmaat van hun gangen, drang naar voren, soepelheid en correcte houding / gedragenheid.
De menner wordt beoordeeld op zijn stijl en nauwkeurigheid van het rijden en op de beheersing van het span.
Behalve de menner bevinden zich een of twee hulpkoetsiers (‘grooms’) op het rijtuig. Zij steken de helpende hand toe, bijvoorbeeld als het tuig breekt of losraakt.

Vaardigheid:
Bij de vaardigheidsproef worden vooral de conditie, gehoorzaamheid en souplesse van de paarden, alsmede de behendigheid en het vakmanschap van de koetsier beoordeeld. De doorgangen worden gemarkeerd door twee kegels waarop een balletje ligt. De ruimte tussen de kegels is slechts 20 รก 35 cm breder dan de spoorbreedte van het rijtuig. Het omverrijden van kegels of het afstoten van balletjes levert strafpunten op.
Ook worden strafpunten opgelegd voor weigering van het span of het nemen van een verkeerde poort en het afstappen van de ‘groom(s)’. Op meerdere plaatsen staan juryleden, die nauwkeurig afwijkende gangen of andere strafbare incidenten aan de hoofdjury rapporteren. In iedere hindernis staan juryleden precies het gereden traject te registreren. Bovendien worden de tijden in die hindernis geklokt en onmiddelijk doorgegeven aan de hoofdjury.

Marathon:
De marathon is een proef om het conditiepeil en het uithoudingsvermogen van de paarden te beoordelen, en een test op het tempogevoel en de menvaardigheid van de koetsier. Een wegtraject voor het opwarmen van de paarden en een traject met de hindernissen. Tijdens het traject moeten de aanspanningen een minimale en maximale tijd in de gaten houden. In de hindernissen gaat het vooral om de conditie en de stuurmanskunsten van de menner. Een hindernis is gebouwd met verschillende poorten, vaak A t/m E. De menner moet de poorten nemen van A, vervolgens B etc. De menner heeft vooraf de lijnen bepaald hoe deze te rijden. De hindernissen zijn allen op 1 terrein en spectaculair om te volgen.